Pierre en Lian Ripson zijn de parels van de hoogbouw aan de Wierlaan. ‘Toen er brand was belden ze eerst naar mij’

Pierre en Lian Ripson zijn de parels van de hoogbouw aan de Wierlaan. Ze zetten zich in voor de andere bewoners. Zo beheren ze onder meer de pas opgeknapte ontmoetingsruimte. Maar Pierre doet nog veel meer: “Ik kan geen nee zeggen.”

Een metersbrede luchtfoto van de Bergse binnenstad met de Peperbus prominent in beeld. Je ogen blijven dwalen over deze pracht van een zwart-wit plaat. Een keurig gedekte tafel in een sfeervolle ruimte en de geur van verse koffie, de ontmoetingsplek van de Wierlaan straalt gezelligheid uit, en dan is op het moment van dit interview alleen nog maar Pierre Ripson (62) aanwezig. Hij runt samen met vrouw Lian (61) het stekje van de bewoners van het appartementencomplex.

“De woningen zijn pas allemaal opgeknapt en we mochten van Stadlander meteen ook onze ruimte helemaal opnieuw laten inrichten naar onze wensen, we werden echt overal bij betrokken, zelfs de tegeltjes in de keuken mochten we uitzoeken.”

Tevreden, dat is Ripson zeker over de hele gang van zaken. “Iedereen vindt die foto van de binnenstad erg mooi.” In normale tijden komen bewoners van de Wierlaan maar liefst drie keer per week samen. Op dinsdag, woensdag en vrijdag. “Op vrijdag drinken een borreltje of wijntje, dan wil het al snel een uur of zes worden voordat we stoppen.”

De bezoekers zijn een vaste groep van zo’n vijftien á twintig bewoners die in wisselende samenstelling komen. Pierre en Lian wonen sinds een jaar of vier in een van de appartementen en omdat de vorige beheerder ermee stopte kwam de vraag vanuit Stadlander wie het wilde overnemen.

“Wij hebben ja gezegd en de bewoners waren het er volledig mee eens”, vertelt Pierre. Samen met zijn vrouw behoort hij tot de jongere bewoners van de Wierlaan, het merendeel is redelijk op leeftijd. “We doen het met alle plezier voor ze, ze betalen voor wat ze gebruiken. Vooroorlogse prijzen hoor, want de koffie kost maar zeventig cent.” Maar van de opbrengst kunnen de Ripsons hun inkopen doen. Want bij die koffie hoort natuurlijk ook een koekje.

Gezellig is het altijd, ook al is het meestal ‘een hoop slap geouwehoer’ zoals Pierre vertelt. Sinds Lian en hij de ruimte runnen komen de bezoekers verspreid van over de hele flat, voordien was het een erg vast kliekje. “Er komen nu meer en ook andere mensen, het is leuk om te zien hoe ze met elkaar omgaan.”

Meteen vanaf het begin voerde het echtpaar een gulden regel in. Kletsen met elkaar prima, maar niet over andere bewoners in het complex. “Dat willen we niet hebben, we willen niet de naam hebben dat we een roddeltent zijn, het is hier horen, zien en zwijgen.”

Corona drukt een stempel op het gebruik. “We hebben toen de ruimte dicht was een bloemetje afgegeven om duidelijk te maken dat we elkaar niet vergeten.” Maar Lian en Pierre doen meer dan alleen de wekelijkse ontmoetingen regelen, zoals bijvoorbeeld eens per jaar een snuffelmarkt en ook nog een barbecue. Van Stadlander kregen ze een tent om buiten weg te zetten.

Denk niet dat dit alles is, want “nee” zeggen vindt vooral Pierre, die ook in de bewonerscommissie zit, lastig. De bewoners weten hem inmiddels voor van alles en nog wat te vinden. Of dat nu is omdat de bel het niet werkt of dat er een plantenbak in de hens staat. “Toen heb ik trouwens wel gezegd dat ze eerst de brandweer moeten bellen en niet mij”, lacht hij.

Lees voor